Handboek Omgevingsgericht Lichtontwerp sluit aan bij moderne planontwikkeling

maandag 8 juli 2024

In september wordt tijdens de Vakbeurs Openbare Ruimte in Utrecht ‘Omgevingsgericht Lichtontwerp; handboek voor lichtontwerp en -beleid in moderne planontwikkeling’ gepresenteerd. Hoofdauteurs Filip van der Heijden en Philip Ross gaan in op aanleiding, inhoud en het verschil tussen het traditioneel ‘technisch’ lichtontwerp en Omgevingsgericht Lichtontwerp. Ook benoemen ze enkele knelpunten.

“Omgevingsgericht Lichtontwerp gaat uit van vier belangrijke pijlers”, zegt Filip van der Heijden, lichtregisseur en partner bij Lichtvormgevers. Hij begon al in 2016 met een team van professionals aan het uiteindelijk handboek te werken. “De eerste pijler is dat het holistisch is. Het is afgestemd op maatschappelijke opgaves en op opgaves van de gemeente. Daarnaast is het interdisciplinair. Samen met andere disciplines zoals de landschapsarchitect, de stedenbouwkundige en de ecoloog komt een interdisciplinair ontwerp tot stand. Hij doet dat binnen het totale inrichtingsplan van een omgeving.”

De derde pijler is integraliteit, vervolgt Van der Heijden. Alle vormen van licht die aanwezig zijn in een ruimte worden meegenomen om te komen tot een uitgebalanceerd lichtbeeld. “Dat betekent zowel kijken naar de samenhang tussen straatverlichting enerzijds en de verlichting van objecten zoals bijvoorbeeld etalages, reclames en gevelverlichting anderzijds.” Als laatste is omgevingsgericht lichtontwerp ketengericht. “Dat houdt in dat je niet alleen ernaar kijkt bij de het begin (de initiatiefase) of het eind (de uitvoeringsfase), maar dat je lichtontwerp integreert in alle fases van het planproces en zelfs nog erna.”

Contrast met technisch lichtontwerp

“Omgevingsgericht Lichtontwerp contrasteert met technisch lichtontwerp”, vertelt Philip Ross, lichtontwerper, lichtkunstenaar en lichtonderzoeker bij Studio Philip Ross. Ross werd in een later stadium gevraagd door OVLNL om als mede-hoofdauteur mee te schrijven. 

Technisch lichtontwerp werkt vanuit de piramide van openbare verlichting, legt Ross uit. In de piramide begin je met de veiligheid, eerst verkeersveiligheid en daarna sociale veiligheid, waarvoor bepaalde regels en richtlijnen zijn. Vervolgens stapel je daar andere zaken op zoals illuminatie. “Omdat je ze niet integraal in samenhang ziet, is technisch lichtontwerp vaak inefficiënt en soms zelfs tegenstrijdig. Bovendien laten de regels en richtlijnen vaak belangrijke hedendaagse overwegingen buiten beschouwing, zoals lichtvervuiling, ecologische belasting en sociale aspecten. De scope  van technisch lichtontwerp is te beperkt voor de moderne planontwikkeling, waar je ook te maken hebt met meer functiemenging.” 

Van der Heijden vult aan: “De uitgangspunten van technisch lichtontwerp zijn nog steeds van belang, alleen zijn er andere zaken bij gekomen die even belangrijk zijn en in bepaalde omgevingen zelfs nog belangrijker.”

Aanleiding handboek OGLO

Van der Heijden vertelt dat het initiatief voor een handboek Omgevingsgericht Lichtontwerp ontstond omdat lichtontwerpers merkten dat beheerders bij gemeenten – en bij grotere gemeenten ook ingenieursbureaus – bij openbare verlichting vooral gefocust waren op veiligheid en beheer. “Zo willen we laten zien dat je met een minimale extra inspanning die je aan licht besteed een verschil kunt maken. En welk resultaat je daarmee kunt bereiken. Op een gegeven moment kwam er ook draagvlak vanuit de landelijke branchevereniging OVLNL omdat ze constateerden dat de omgeving en de manier van ontwerpen veranderde: die omgeving kreeg een menging van functies en de manier van ontwerpen werd integraal en multidisciplinair. Dat betekende dat lichtontwerp niet meer alleen bij de beheerders thuishoorde, maar ook bij de projectleiders in het planproces en bij disciplines die vroeg in een ontwerpproces zijn betrokken, zoals een landschapsarchitect en een stedenbouwkundige.”

Brede doelgroep handboek

Het handboek richt zich op mensen die in hun rol te maken hebben met de inrichting van het avondbeeld van de openbare ruimte, zegt Ross. “Dat zijn natuurlijk lichtontwerpers, maar – misschien nog wel belangrijker – ook mensen zoals de projectleiders in een planontwikkelingsproces, een landschapsarchitect, een stedenbouwkundige en een beheerder. Het is namelijk een handboek over hoe je lichtontwerp effectief kunt inzetten bij moderne planontwikkeling en het maken van beleid over de openbare ruimte na zonsondergang.”
Uiteindelijk moet het handboek zorgen voor een gemeenschappelijke taal waarmee alle partijen uit de voeten kunnen. Ross: “Daarnaast moet het handboek duidelijk maken wat partijen in verschillende fases van het proces aan elkaar kunnen hebben en wat licht kan toevoegen aan de opgaves voor de openbare ruimte.” 
“Het handboek gaat projectleiders ook helpen om aan te geven wat zij in verschillende fases van het ontwerpproces kunnen vragen aan lichtontwerpers”, vult Van der Heijden aan. Hij wijst op nog een belangrijke doelgroep voor het handboek, de studenten. “Dat zijn namelijk de ontwerpers, projectleiders en beleidsmakers van de toekomst. Als zij nu al bij hun opleiding meekrijgen hoe het ook kan, dan is dat mooi meegenomen.”

Knelpunten voor lichtontwerp

Het handboek benoemt ook veelvoorkomende knelpunten voor lichtontwerp in de verschillende fases. Ross benoemt er een paar. “In de ontwerpfase voor openbare ruimte zie je dat er vaak wordt gedacht in dagbeelden. Pakweg de helft van de tijd is het echter donker en dan bepaalt lichtontwerp hoe bruikbaar zo’n ruimte is. Het handboek helpt om de mindset op dit punt te veranderen.” 

Van der Heijden noemt een ander knelpunt, de private verlichting: “De gemeente laat een lichtontwerpbureau een lichtontwerp maken voor de verlichting in de openbare ruimte. De gemeente heeft echter geen zeggenschap over private verlichting van bijvoorbeeld de etalage of gevelreclame. De uitdaging is om die partijen toch mee te krijgen. Want zeker in stadscentra komt misschien wel de helft van de verlichting in de openbare ruimte van private partijen.” Ross: “Het wordt voor gemeenten steeds belangrijker om op zo’n punt beleid te voeren. Bijvoorbeeld door bepaalde grenzen te bepalen of randvoorwaarden op te stellen.” Van der Heijden vult aan: “Het wordt ook steeds belangrijker om door middel van participatie een breder draagvlak te krijgen, waardoor meer partijen mee willen werken aan een integraal lichtbeeld.”

Texel

Omgevingsgericht Lichtontwerp heeft in zich dat het een zoektocht is, zegt Van der Heijden. “Bij technisch lichtontwerp gaat het om nulletjes en eentjes en die hebben altijd een bepaalde feitelijke uitkomst.  Bij Omgevingsgericht Lichtontwerp ben je steeds op zoek vanuit alle thema’s die spelen het optimale licht te krijgen. De gemeente Texel heeft het zo aangepakt en is zo gekomen tot een proefondervindelijke uitkomst.”  Ross vult aan: “Louter technisch lichtontwerp kon op Texel niet omdat een van de uitgangspunten was dat ze daar zo veel mogelijk de nachtelijke duisternis wilden herstellen en energieneutraal wilden zijn.”
Het brengt Van der Heijden bij een belangrijke constatering: “Het principe van omgevingsgericht lichtontwerp kan in elke type omgeving worden toegepast, ondanks de onderlinge verschillen. Je kunt namelijk dezelfde stappen doorlopen. Het hangt vervolgens van de complexiteit van de omgeving af hoe snel je die doorloopt.” Hij merkt in de praktijk dat omgevingsgericht lichtontwerp nog niet bij iedereen op het netvlies staat: “Ik ben er echter van overtuigd dat als ze de toegevoegde waarde ervan zien, dat ze er dan meer gebruik van gaan maken!”

Eindhoven en Arena Poort

Ross is zelf betrokken geweest bij een project in Eindhoven. “Daar was een groen pleintje in een wijk waar geen licht was en waar mensen ’s avonds niet naartoe durfden. Omdat het een groene zone was, was de gemeente terughoudend in het verlichten. Dit dilemma is met een omgevingsgericht lichtontwerpproces doorbroken. Uiteindelijk zijn we door de bewoners en de ecologie in het proces mee te nemen toch gekomen tot een voor alle partijen aanvaardbare oplossing. Daarbij is het gebruikte licht qua kleur en intensiteit minder belastend voor de natuur dan standaardverlichting en is toch de sociale veiligheid gewaarborgd.”
Van der Heijden is betrokken bij het Arena Poort gebied in Amsterdam. “Dat gebied wordt steeds drukker, zeker omdat er in de toekomst ook meer mensen komen wonen. Bovendien gaat het knellen, onder meer bij het stationsgebied. De gemeente wilde snel resultaat, ook door het inzetten van licht om mensen te sturen. Wij hebben toen eerst met de gemeente een plan van aanpak gemaakt, waarin we beschreven wie bij het proces was betrokken, wat hun rol was – mogen ze mee ontwerpen of adviezen geven? – en wat willen ze bereiken? Ook keken we naar afstemming met andere programma’s zoals de vervangingsoperatie van verlichting.” 
 

Meer artikelen met dit thema

descriptionArtikel

Stadidentiteit creëren met ledverlichting

2 jul om 11:58 uur

De verledding van de openbare verlichting is niet alleen gunstig voor de energiebesparing, het biedt ook veel…

Lees verder
flash_onNieuws

Amsterdam en Rotterdam duurzaamste steden ter wereld

14 jun om 14:43 uur

In de zesde editie van de tweejaarlijkse Arcadis Sustainable Cities Index 2024 staan Amsterdam en Rotterdam…

Lees verder
descriptionArtikel

Internationale Knoop XL: van ambitie naar concrete invulling mobiliteit

4 jun om 15:20 uur

In het noordelijke deel van het Eindhovense stationsgebied wordt de komende jaren maar liefst 55 hectare grond…

Lees verder
descriptionArtikel

PBL adviseert Rijk en provincies: maak samen ruimtelijke keuzes

28 mei om 16:53 uur

Door het gebrek aan actie van Rijk en provincies is er een impasse in de sectoren wonen, natuur en landbouw.…

Lees verder
descriptionArtikel

Het grijze gebied als 'innovation playground’ voor mobiliteit en gebiedsontwikkeling

13 mei om 14:02 uur

Wat je hier bracht, brengt je niet verder. Dat is de stellige overtuiging van de mensen van Future Mobility…

Lees verder
flash_onNieuws

Almere zet verdichting in voor vergroening

8 apr om 16:41 uur

In de onlangs vastgestelde Ontwikkelvisie 2040 voor de kern van Almere is veel ruimte voor groen. De…

Lees verder
descriptionArtikel

‘Niet meer van crisis naar crisis struikelen’

27 mrt om 16:33 uur

Daan Zandbelt, stedenbouwkundige en partner bij bureau De Zwarte Hond, ziet dat we…

Lees verder
person_outlineBlog

De projectontwikkelaar als De Grote Boze Wolf?

15 mrt om 08:25 uur

“Anne-Mette is voor niets of niemand bang, zij houdt de projectontwikkelaars in de tang!”

Dit schreven…

Lees verder